maandag, mei 18, 2026

Leo XIV over het Vormsel

Spontane begroeting door Paus Leo XIV van de vormselkandidaten van het Aartsbisdom Genua
Zaterdag 16 mei 2026


Dank u voor deze begroeting [door de Aartsbisschop], dank aan jullie allemaal dat jullie hier zijn. Goedemorgen allemaal!

Welkom in Sint-Pieter, in het Vaticaan, in Rome. Jullie zijn gekomen uit Genua, uit verschillende parochies. Er is één parochie die ik iets beter ken, namelijk Manesseno: waar zijn jullie? Zijn jullie hier? Goed zo! Maar jullie zijn allemaal flink! Welkom! 

Goed. Eén van de grootste vreugden van een bisschop – ik denk in alle bisdommen – is het Vormsel toedienen, omdat het echt de gave van de Heilige Geest is.
Sommigen van jullie hebben het Sacrament al ontvangen, anderen bereiden zich er nog op voor. Het is heel mooi om dit Sacrament te ontvangen, want de volheid van de Heilige Geest geeft ons enthousiasme, kracht en het vermogen om Jezus Christus te volgen, om altijd “ja” te zeggen tegen de Heer, om niet bang te zijn Hem moedig te volgen en het geloof te beleven in een wereld die ons zo vaak van Jezus wil wegleiden.

En de Heilige Geest is op een bijzondere manier met ons volgende zondag, wanneer we Pinksteren vieren: de herinnering aan de ervaring van de eerste leerlingen, de apostelen, die de Heilige Geest ontvingen om vervolgens het Evangelie en de liefde van God te verkondigen. En jullie allen nemen deel en zullen deelnemen aan deze missie, want wij zijn allemaal gezonden: naar jullie families, jullie vrienden en naar alle mensen. Ook jullie moeten een levend getuigenis zijn van de Geest die in ons leeft.

Dus, als het toedienen van het Vormsel één van de grootste vreugden van een bisschop is, dan is er ook iets wat verdrietig maakt. Soms, wanneer de bisschop het Vormsel toedient, de gave van de Heilige Geest, zie je de jongeren daarna nooit meer terug! Ze verdwijnen uit de parochie. Daarom wil ik jullie vragen bijzondere aandacht te schenken aan één van de gaven van de Heilige Geest die ‘volharding’ wordt genoemd.

Vergeet niet wat jullie in deze tijd hebben beleefd, ook niet de vreugde om naar Rome te komen, samen feest te vieren en samen te bidden. Moge die vreugde in jullie hart blijven leven en mogen jullie trouwe leerlingen van Jezus Christus blijven; moge jullie volharden in het geloof en terugkeren naar de parochie – er zijn zoveel activiteiten en kansen –, maar vooral in het geloofsleven, want Jezus Christus wil met jou wandelen, met ieder van jullie en met jullie allemaal als gemeenschap, wat zo belangrijk is. Het geloof beleven we niet alleen, maar samen. En deze banden van vriendschap en gemeenschap vormen is een manier om als leerlingen van Jezus volhardend te leven.

Vergeet dit dus niet! Het is mooi om naar Rome te komen, het is mooi om het Sacrament te ontvangen, prachtig om de volheid van de Heilige Geest te ontvangen, maar het is heel belangrijk dat ieder van jullie ook deze inzet, deze belofte aan de Heer doet: dat jullie echt willen verdergaan als zijn vrienden, zijn leerlingen, zijn missionarissen, en willen volharden in het geloof. Met dat woorden laat ik jullie achter.

Ik nodig jullie uit om recht te staan, zodat we samen het gebed kunnen bidden dat Jezus ons heeft geleerd. Daarna geef ik jullie de zegen en zal ik sommigen van jullie begroeten bij het buitengaan. Moge deze dag ook voor jullie een grote steun zijn op jullie weg van geloof.
Laten we bidden: Onze Vader…
Zegen.
Van harte proficiat aan jullie allemaal! (Bron)