zaterdag, oktober 03, 2009

Godsbewijzen

Stelling: De natuurlijke kennis van God (i.e. de geldigheid van Godsbewijzen) is noodzakelijkerwijze een vooronderstelling voor het geloof en de verwerping van de natuurlijke kennis van God maakt het geloof onmogelijk.

De noodzaak voor het geloof van de natuurlijke kennis van God (=natuurlijke theologie)

Het geloof, immers, is de aanvaarding van het Woord van God over God en de mens in zijn relatie tot God. Het geloof kan dus niet een absoluut begin van kennis zijn. Het geloof vooronderstelt ten minste een bepaalde kennis van wat het woord ‘God’ betekent en ook een kennis van wat het woord ‘mens’ betekent.

Meer nog. Het geloof vooronderstelt de kennis van God als wat de mens transcendeert, als een apart Zijnde, dat Zijn bestaan in zichzelf heeft en niet zomaar een projectie is van de aspiraties van de mens, een schepping van zijn subjectiviteit. Ik kan immers de Schrift niet als Openbaring, als Woord van God ontvangen zonder hierdoor tevens te bekennen dat God in een bepaalde zin uitwendig is aan de mens, in staat om met de mens te spreken, om Zich te tonen en de mens iets nieuws te onderrichten in verband met datgene wat de mens door zichzelf en over zichzelf weet.

Het is geenszins evident dat de Schrift het Woord van God is. En zelfs deze bevestiging heeft geen enkele betekenis indien God niet onafhankelijk van de gedachten en de aspiraties van de mens, bestaat. Wat de Schrift ons zegt over God en de mens in diens relatie tot God vooronderstelt noodzakelijkerwijze dit bestaan van God 'in zichzelf'

Het is echter niet zo dat de natuurlijke theologie de Openbaring te niet zou doen en de genadegave zou vervangen door een inspanning van de rede. Immers de natuurlijke kennis van God kan niet komen tot de kennis van een God Verlosser, want de verlossing hangt af van een absoluut vrij initiatief van God. De natuurlijke kennis van God kan wel fungeren als een voorbereiding voor de ontvangst van de Openbaring.

Bovendien wordt God in de natuurlijke theologie enkel gekend via de bemiddeling van de schepselen. Hierdoor blijft de weg open voor een Openbaring waardoor God de kennis die de mens door zichzelf kan bereiken, aanvult en verrijkt.

Betekent dit nu dat de natuurlijke kennis een ‘preambulum’ is voor de aanvaarding van het Woord van God door het geloof, in de zin dat men zou moeten beginnen met het verkrijgen van natuurlijke kennis over God. Geenszins: dit zou niet enkel het geloof van de massa mensen die deze natuurlijke kennis niet kunnen of willen bereiken, uitschakelen, maar ook het geloof van al diegenen wier filosofie -waarin ze gevormd zijn of die ze gekozen hebben- de natuurlijke kennis over God, uitsluit.

Veeleer vooronderstelt in objectieve zin de waarheid van het geloof de waarheid van het natuurlijke verstand, d.w.z. de gelovige houdt met dezelfde geloofsact vast aan de natuurlijke waarheden als aan de bovennatuurlijke waarheden. Hij gelooft dat God bestaat terwijl hij gelooft dat Hij drie-een is en dat Hij gesproken heeft tot de mens; hij gelooft dat de ziel onsterfelijk is terwijl hij gelooft dat het doopsel hem tot kind van God gemaakt heeft en voorbereid op het eeuwig leven. De natuurlijke waarheden maken ook deel uit van de Openbaring; God in Zijn barmhartigheid heeft de mens niet willen overlaten aan de risico’s en moeilijkheden van zijn eigen onderzoek. De natuurlijke waarheden zijn dus zelf geloofsobjecten. In deze zin is het dus niet noodzakelijk voor het geloof en de theologische reflectie om filosofisch de waarheden van de natuurlijke theologie aangetoond te hebben.

Wat echter onvoorstelbaar is en wat het bovennatuurlijk geloof en de theologie onmogelijk zou maken, is dat de zekere kennis over het bestaan van God en Zijn eigenschappen onmogelijk zou zijn. Immers, in dat geval zou het geloof een beslissing zijn die tegelijkertijd zou opgelegd worden door het verstand (want de geloofsact is een act van verstandelijke kennis) én die het verstand niet anders dan zou kunnen desavoueren als zijnde vreemd aan wat het zelf is en onmogelijk om hiermee te integreren.

Geen opmerkingen: